26 October 1869
Er komt weer wat leven in de Bajert wat de stoomvaart betreft. Was kolonel Jansen de eerste die het onderwerp eener directe Amerikaansche stoomvaart op ’t tapijt bracht, een ander beloofd er zijn profijt mede te doen. Wel geen vreemd verschijnsel, maar toch niet zeer aangenaam voor hem die er zijn studie van gemaakt had en aanvankelijk veel kans tot welslagen had.
Zoo als de zaken nu toch staan zal de heer Jansen wel met de eer moeten vergenoegen daar behalve zijn plan er een rotterdamsch plan & een Amsterdamsch dito het levenslicht aanschouwden.– Zijn pleegkind is om zoo te zeggen op sterven na dood. De Amsterdamsche heeren zijn van meening dat, als de booten door het(?) van Vlissingen te laten varen, maar eenmaal aan de gang zijn er geen kans van mislukken bestaat.– En daartegenover staat het Rotterdamsche plan, vooreerst weinig belovende, met voorzichtigheid booten kiezende welke, niet te groot zijnde de kosten ook niet te enorm zouden maken.
Ze willen ’t spreekwoord in toepassing brengen “met ’t kleine vangt men aan en eindigt ras in ’t groot”.– Doch ook dit is nog plan & al is men ijverig in de weer, een fait accompli moet het nog worden. – ’t Leeskabinet heeft in deze weder het voorbeeld gegeven hare leden goed op de hoogte van zaken te houden, daar over dit onderwerp een soort van Debating Club is geweest die waarlijk interessant was.– Werd het plan daar zeer verdedigd, de Koninkl. Ned. Stoombt Maatij, ontwerpster van het Amsterdamsche plan, deed bij monde van hare mededirecteuren de voordeelen van haar plan duidelijk tevoorschijn treden.– De uitkomst wordt met ongeduld verwacht & een weinig geduld is ook hier niet misplaatst.
De zaak van de Vl. is zooverre geeindigd dat de Cassatie is verworpen & dit keer zal verder in Leeuwarden gratis logies bekomen voor 10 jaar. Of verzoek om gratie bij ..... iets zal inhouden(?) wordt zeer betwijfeld. – Had hij een jaar vroeger zoo iets voorzien hij had zijn ....... wel beteugeld.
En dan heb nog iets gezien wat meer de geschiedenis van lang vervlogen tijden betreft, n.l. in Delft. Rondslenterende kwam het ons in de gedachten de plaats op te sporen waar onze brave Willem I werd vermoord. We hebben die gevonden in eene kazerne, juist zooals ik ze nog had voorgesteld. – Welligt heeft een of andere schilder zijn tafereel op de plaats zelve afgemaald en was mij dit in ’t geheugen gebleven. Een gedenksteen ter plaatste aangebragt en een paar holten in de muur (waar de kogels zouden zijn ingevlugt) is al wat aan dien gedenkwaardige gebeurtenis herinnert. Want vervuld met die gedachten, wenschten we ons terug te zien in de zaal waar uit dien Grooten Staatsman zich naar omlaag had ....... Werden we weldra als ontgoocheld op het zien van ordelooze ..... soldaten zonder uniformen een schakering opleverende tusschen rood baai en blaauw linnen, sommigen kaartspelende, anderen niets doende. Kortom, een kazerne Zaal zoo onsmakelijk mogelijk.
De Chroniek van Hendrik Houwens, een intellectuele negentiende-eeuwse Rotterdamse cargadoor.
Posts tonen met het label Vletter Jacob de. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vletter Jacob de. Alle posts tonen
23 mei 2021
De uitspraak der regters
11 July 1869
De uitspraak der regters was hier gister voor twaalf uur bekend en is niet zeer ten gunste van J. de Vl. Tien jaar tuchthuisstraf is de belooning voor zijn werk. Die uitslag heeft menigeen verbaasd en zeker hem niet ’t minste, daar volgens iemand die hem nog sprak voor ’t vonnis gewezen was, hij bepaald zijn Vrijspraak verwachtte.
– De uitspraak die ca. 1 ½ uur duurde begon met hem vrij te spreken van het eerste punt van beschuldiging en ook van verscheidene volgende, zoodat hij reeds het beeld der rots(?) vertoonde, waarvan hij in zijn pleitrede gewaagde. De surprize echter was voor het laatst bewaard en viel even onverwacht als een donderslag op een heldere dag.
– Volgens de publieke meening zal hij zich in Cassatie voorzien, echter geloof niet hem dit eenige verandering zal brengen.
De uitspraak der regters was hier gister voor twaalf uur bekend en is niet zeer ten gunste van J. de Vl. Tien jaar tuchthuisstraf is de belooning voor zijn werk. Die uitslag heeft menigeen verbaasd en zeker hem niet ’t minste, daar volgens iemand die hem nog sprak voor ’t vonnis gewezen was, hij bepaald zijn Vrijspraak verwachtte.
– De uitspraak die ca. 1 ½ uur duurde begon met hem vrij te spreken van het eerste punt van beschuldiging en ook van verscheidene volgende, zoodat hij reeds het beeld der rots(?) vertoonde, waarvan hij in zijn pleitrede gewaagde. De surprize echter was voor het laatst bewaard en viel even onverwacht als een donderslag op een heldere dag.
– Volgens de publieke meening zal hij zich in Cassatie voorzien, echter geloof niet hem dit eenige verandering zal brengen.
Proces J. de Vletter
4 July 1869
Gedurende de loop dezer week is de zaak van J. de Vletter te ’s Hage behandeld en den uitspraak bepaald op zaterdag a.s. Algemeen was de aandacht op dit proces gevestigd, waarin door de V. proeven van gevatheid werden geleverd doch waarin hij door den Advocaat-Generaal zoo werd voorgesteld zoo als ieder onpartijdig, met hem bekend persoon hem kende. — De uitspraak wordt met verlangen tegemoet gezien daar tegen hem geeischt wordt eene tuchthuisstraf van vijf tot 15 jaar, waartegen zijn adcocaat zijne vrijstelling eischte.
Dit proces geeft weder eene gisting welke zoolang tot stilstand was gebragt en die zich tusschen ....... openbaart, — Als hij vrij komt zijn de gevolgen niet te overzien. —
Hierbij werken nog andere omstandigheiden mede de grèves of werkstakingen zijn eindelijk ook hier heen ons uit den vreemde aangewaaid. Wel is er hier ten Stede nog geen gepubliceerd, doch toebereidselen worden overal gemaakt door oproepingen in de courant. — Het voorbeeld der Amsterdamsche Drukkers is nog bijtijds hier voorkomen door tegemoetkoming in vrijwillige verhoging van loon. —
De kwade geest welke in andere landen de tevredenen tot ontevredenen opstookte schijnt ons weder met een bezoek te vereeren. Gisteren kwam mij een zoogenaamd volksblaadje in handen, waarin waarheid en leugen op zulk een lage wijze vermengd den hardwerkenden minderen man ontevreden tegen zijn lot maken moet. Wil men verbetering in toestanden maken men neme eerlijke middelen te baat daartoe te geraken, doch waar dit beginsel slecht is kan de uitslag nooit gezegend worden.
’t Is overigens wonderlijk hoe men zich gezonde zinne kan wenschen: dat ieder even veel verdienen moet onverschillig den tijd, kunde en arbeid. Dat echter uit deze roering wel iets goeds kan voortkomen dat geloof ik wel, doch ’t zal misschien nog langer duren voor ’t kwaad dat V. sticht geheeld is.
Ook hierin werkte de nieuwe maatregel niet gunstig: de afschaffing van het zegel. De courant is zoo groot geworden dat men er zijn tijd naar nemen moet haar behoorlijk te lezen. De Vleermuizen en Nachtuilen welke vroeger naauw het daglicht zagen hebben hunne lichtschuwheid afgelegd en worden in de vorm ener courant aan de hoeken der straten publiek ter lezing aangeplakt.
Wat de toekomst baren zal, zal de tijd wel leeren. —
Gedurende de loop dezer week is de zaak van J. de Vletter te ’s Hage behandeld en den uitspraak bepaald op zaterdag a.s. Algemeen was de aandacht op dit proces gevestigd, waarin door de V. proeven van gevatheid werden geleverd doch waarin hij door den Advocaat-Generaal zoo werd voorgesteld zoo als ieder onpartijdig, met hem bekend persoon hem kende. — De uitspraak wordt met verlangen tegemoet gezien daar tegen hem geeischt wordt eene tuchthuisstraf van vijf tot 15 jaar, waartegen zijn adcocaat zijne vrijstelling eischte.
Dit proces geeft weder eene gisting welke zoolang tot stilstand was gebragt en die zich tusschen ....... openbaart, — Als hij vrij komt zijn de gevolgen niet te overzien. —
Hierbij werken nog andere omstandigheiden mede de grèves of werkstakingen zijn eindelijk ook hier heen ons uit den vreemde aangewaaid. Wel is er hier ten Stede nog geen gepubliceerd, doch toebereidselen worden overal gemaakt door oproepingen in de courant. — Het voorbeeld der Amsterdamsche Drukkers is nog bijtijds hier voorkomen door tegemoetkoming in vrijwillige verhoging van loon. —
De kwade geest welke in andere landen de tevredenen tot ontevredenen opstookte schijnt ons weder met een bezoek te vereeren. Gisteren kwam mij een zoogenaamd volksblaadje in handen, waarin waarheid en leugen op zulk een lage wijze vermengd den hardwerkenden minderen man ontevreden tegen zijn lot maken moet. Wil men verbetering in toestanden maken men neme eerlijke middelen te baat daartoe te geraken, doch waar dit beginsel slecht is kan de uitslag nooit gezegend worden.
’t Is overigens wonderlijk hoe men zich gezonde zinne kan wenschen: dat ieder even veel verdienen moet onverschillig den tijd, kunde en arbeid. Dat echter uit deze roering wel iets goeds kan voortkomen dat geloof ik wel, doch ’t zal misschien nog langer duren voor ’t kwaad dat V. sticht geheeld is.
Ook hierin werkte de nieuwe maatregel niet gunstig: de afschaffing van het zegel. De courant is zoo groot geworden dat men er zijn tijd naar nemen moet haar behoorlijk te lezen. De Vleermuizen en Nachtuilen welke vroeger naauw het daglicht zagen hebben hunne lichtschuwheid afgelegd en worden in de vorm ener courant aan de hoeken der straten publiek ter lezing aangeplakt.
Wat de toekomst baren zal, zal de tijd wel leeren. —
12 januari 2018
De komst van de Mariniers
Rotterdam 30 April 1869
Heden ochtend te Zeven uur hebben de Grenadiers onze Stad verlaten onder geleide van het Muzijkcorps der Schutterij en eene ontelbare meenigte nieuwsgierigen waaronder ook mijn persoon.–
’t Was een prachtige lentemorgen & na ze tot aan de Schie te hebben gebragt ben naar de Apentuin gewandeld.–
Wat een overgang uit die volle drukke straten met lieden in een klein tenu, in die heerlijke frische natuur in al haar pracht en glorie.
Morgen vertrekken de Cavaleristen.–
Heden middag zijn de Mariniers aangekomen welke we als blijvend garnizoen hier zullen houden.–
’t Was aardig te zien toen die stoet van achter het Haringvliet de stad binnentrok ze vooruit werd gegaan door een van die uitventers met een groot bord waarop met kapitale letters aan de burgerij werd te koop aangeboden de acte van beschuldiging van Jacob de Vletter, ’t paste zoo goed bij elkander.–
We zullen nu ten laatste die sinjeur voor den regter zien verschijnen om zijn welverdiende straf te ontvangen waarvan hij reeds een aardig stuk beet heeft.–
Die acte is zeer curieus en draagt alle blijken van met zorg te zijn opgesteld en toch zal het mij nog benieuwen hoe de beschuldiging volgehouden en verdedigd zal worden.
Heden ochtend te Zeven uur hebben de Grenadiers onze Stad verlaten onder geleide van het Muzijkcorps der Schutterij en eene ontelbare meenigte nieuwsgierigen waaronder ook mijn persoon.–
’t Was een prachtige lentemorgen & na ze tot aan de Schie te hebben gebragt ben naar de Apentuin gewandeld.–
Wat een overgang uit die volle drukke straten met lieden in een klein tenu, in die heerlijke frische natuur in al haar pracht en glorie.
Morgen vertrekken de Cavaleristen.–
Heden middag zijn de Mariniers aangekomen welke we als blijvend garnizoen hier zullen houden.–
’t Was aardig te zien toen die stoet van achter het Haringvliet de stad binnentrok ze vooruit werd gegaan door een van die uitventers met een groot bord waarop met kapitale letters aan de burgerij werd te koop aangeboden de acte van beschuldiging van Jacob de Vletter, ’t paste zoo goed bij elkander.–
We zullen nu ten laatste die sinjeur voor den regter zien verschijnen om zijn welverdiende straf te ontvangen waarvan hij reeds een aardig stuk beet heeft.–
Die acte is zeer curieus en draagt alle blijken van met zorg te zijn opgesteld en toch zal het mij nog benieuwen hoe de beschuldiging volgehouden en verdedigd zal worden.
Over o. m. Pio Nono, de afschaffing van het dagbladzegel en de lente
15 April 1869
Heden is het officieel bekend geworden dat mijn neef Jacob Mulder de plaatsvervanger bij de Hr. A. van Hoboken & Zn is geworden van mijn Oom P. Knegtmans als boekhouder, welke zich terugtrekt om zijn ouden dag door te brengen met zijn zuster, mijn tante Antje Steendijk.
— Deze zal zijn huishouden waarnemen zoolang het duurt, want die twee loopen zoo wat naar de 70. —
’t Was den 11e dezer voor een protestant een wonderlijk gezigt zooveel vlaggen te zien uitgestoken ter eere van Zijne H. Pio Nono.
Zooiets alsof de Koning jarig was en nog meer.
De meesten waren in de buurt van de Weste Wagenstraat & dwarsstraten.
— De kerken natuurlijk opgeschikt met bloemen, chassinets etc.
Als ze niets ergers deden die Heeren dan zou ’t nog gaan, maar ’t wordt me soms zoo vreemd te moede wanneer (ik) die aanmatigende toon van die lui hoor.
— Vroeger naauwelijks geduld & nu willen ze de baas spelen.
— ’t Drijven is nu de openbare school te annihileeren.
De domper erop en dan de baas spelen over het domme gemeen.
— Hunne kerken verrijzen als paddestoelen & kon het zijn ze zouden de Inquisitie er ook nog wel bij nemen.
Van ’t zoogenaamde oproer gaan de verhooren nog steeds de gewoone (slakken)gang.
— De V. is nog niet gevonnisd, nog zelfs niet openbaar teregtgesteld.
— Zoodoende heeft hij al een aardige straf voor zich beet.
We zijn er eindelijk met de afschaffing van het dagbladzegel*) doorheen.
— Met primo Junij zullen de dagbladen eerst in hunne volle bloei verschijnen & ’t publiek een heele berg nieuws door te werken hebben, willen ze op de hoogte van hun tijd blijven. —
Ingeplakte prent 'Vrij van Zegel', uit de Purmerender Courant na afschaffing van het Dagbladzegel, 1869
En wat het beste nieuws nog is, is de verschijning van de Lente.
— Dat heerlijke woord heeft een heerlijke beteekenis als we de boomen aanzien.
— Een “Ode” aan haar schrijven laat ik voor anderen over en verlustig me liever te zien hoe met elke dag die groene tint als der takken aangeblazen wordt.
Vreemder gezigt kwam mij nimmer voor als zondag l.l.
— De warmte was bepaald een zomerwarmte en toch de boomen als kwamen ze uit het hooge noorden.
De hemel italiaansch, de zon warm en het lommer absent.
— Dit is na eene malsche regenbui een weinig in evenwigt gebragt.
— En wat zal ons die nieuwe tijd geven, afwachten dat is een waar woord en een goed woord want met ongeduldig verlangen komen we toch niet verder.
Mijn wensch, of die vervuld wordt.
— Maar de volgende bladen zijn nog blanko & geven mij nog weinig te lezen.
— Als het eens vol zou zijn dan hoop (ik) het beeld van die lente daar ook in te mogen lezen.
*) Over het dagbladzegel:
Het dagbladzegel was een zegel waarmee in de negentiende eeuw middels het zegelrecht belasting werd geheven op dagbladen.
Een stempel op de krant gaf aan dat het dagbladzegel betaald was.
De belasting werd tijdens de Franse bezetting ingevoerd. In Nederland was dat in 1812.
In de loop van de negentiende eeuw werd het zegelrecht ook uitgebreid naar advertenties.
Door de extreme hoogte van deze belasting, de belasting bedroeg in 1832 tweeënhalve cent, waren kranten slechts voor een rijke elite beschikbaar.
Bovendien belemmerde de regeling het oprichten van nieuwe dagbladen.
Vele courantiers gebruikten de vrijstelling voor kleine bladen, door uitgifte van 'lilliputterpers', veelal oppositionele periodiekjes op zeer klein formaat.
De overheid maakt in 1845 aan deze praktijk een einde door voortaan elk formaat te belasten.
Het protest tegen de maatregel wordt vanaf circa 1850 steeds luider.
In 1867 wordt het anti-Dagbladzegel-verbond opgericht.[1]
In 1869 brengt Pieter Philip van Bosse de wet tot afschaffing van het zegelrecht op gedrukte stukken en advertenties in nieuwspapieren tot stand.[2]
Koning Willem III, bevreesd voor politieke onruststokerij door dagbladen, probeerde de Eerste Kamer nog te bewegen het wetsvoorstel te verwerpen.
Maar mede onder druk van de protesten schaft de overheid het dagbladzegel per 1 juli 1869 af.[3]
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Dagbladzegel
Heden is het officieel bekend geworden dat mijn neef Jacob Mulder de plaatsvervanger bij de Hr. A. van Hoboken & Zn is geworden van mijn Oom P. Knegtmans als boekhouder, welke zich terugtrekt om zijn ouden dag door te brengen met zijn zuster, mijn tante Antje Steendijk.
— Deze zal zijn huishouden waarnemen zoolang het duurt, want die twee loopen zoo wat naar de 70. —
’t Was den 11e dezer voor een protestant een wonderlijk gezigt zooveel vlaggen te zien uitgestoken ter eere van Zijne H. Pio Nono.
Zooiets alsof de Koning jarig was en nog meer.
De meesten waren in de buurt van de Weste Wagenstraat & dwarsstraten.
— De kerken natuurlijk opgeschikt met bloemen, chassinets etc.
Als ze niets ergers deden die Heeren dan zou ’t nog gaan, maar ’t wordt me soms zoo vreemd te moede wanneer (ik) die aanmatigende toon van die lui hoor.
— Vroeger naauwelijks geduld & nu willen ze de baas spelen.
— ’t Drijven is nu de openbare school te annihileeren.
De domper erop en dan de baas spelen over het domme gemeen.
— Hunne kerken verrijzen als paddestoelen & kon het zijn ze zouden de Inquisitie er ook nog wel bij nemen.
Van ’t zoogenaamde oproer gaan de verhooren nog steeds de gewoone (slakken)gang.
— De V. is nog niet gevonnisd, nog zelfs niet openbaar teregtgesteld.
— Zoodoende heeft hij al een aardige straf voor zich beet.
We zijn er eindelijk met de afschaffing van het dagbladzegel*) doorheen.
— Met primo Junij zullen de dagbladen eerst in hunne volle bloei verschijnen & ’t publiek een heele berg nieuws door te werken hebben, willen ze op de hoogte van hun tijd blijven. —
Ingeplakte prent 'Vrij van Zegel', uit de Purmerender Courant na afschaffing van het Dagbladzegel, 1869
En wat het beste nieuws nog is, is de verschijning van de Lente.
— Dat heerlijke woord heeft een heerlijke beteekenis als we de boomen aanzien.
— Een “Ode” aan haar schrijven laat ik voor anderen over en verlustig me liever te zien hoe met elke dag die groene tint als der takken aangeblazen wordt.
Vreemder gezigt kwam mij nimmer voor als zondag l.l.
— De warmte was bepaald een zomerwarmte en toch de boomen als kwamen ze uit het hooge noorden.
De hemel italiaansch, de zon warm en het lommer absent.
— Dit is na eene malsche regenbui een weinig in evenwigt gebragt.
— En wat zal ons die nieuwe tijd geven, afwachten dat is een waar woord en een goed woord want met ongeduldig verlangen komen we toch niet verder.
Mijn wensch, of die vervuld wordt.
— Maar de volgende bladen zijn nog blanko & geven mij nog weinig te lezen.
— Als het eens vol zou zijn dan hoop (ik) het beeld van die lente daar ook in te mogen lezen.
*) Over het dagbladzegel:
Het dagbladzegel was een zegel waarmee in de negentiende eeuw middels het zegelrecht belasting werd geheven op dagbladen.
Een stempel op de krant gaf aan dat het dagbladzegel betaald was.
De belasting werd tijdens de Franse bezetting ingevoerd. In Nederland was dat in 1812.
In de loop van de negentiende eeuw werd het zegelrecht ook uitgebreid naar advertenties.
Door de extreme hoogte van deze belasting, de belasting bedroeg in 1832 tweeënhalve cent, waren kranten slechts voor een rijke elite beschikbaar.
Bovendien belemmerde de regeling het oprichten van nieuwe dagbladen.
Vele courantiers gebruikten de vrijstelling voor kleine bladen, door uitgifte van 'lilliputterpers', veelal oppositionele periodiekjes op zeer klein formaat.
De overheid maakt in 1845 aan deze praktijk een einde door voortaan elk formaat te belasten.
Het protest tegen de maatregel wordt vanaf circa 1850 steeds luider.
In 1867 wordt het anti-Dagbladzegel-verbond opgericht.[1]
In 1869 brengt Pieter Philip van Bosse de wet tot afschaffing van het zegelrecht op gedrukte stukken en advertenties in nieuwspapieren tot stand.[2]
Koning Willem III, bevreesd voor politieke onruststokerij door dagbladen, probeerde de Eerste Kamer nog te bewegen het wetsvoorstel te verwerpen.
Maar mede onder druk van de protesten schaft de overheid het dagbladzegel per 1 juli 1869 af.[3]
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Dagbladzegel
Labels:
dagbladzegel,
Hoboken (A.),
Knegtmans (oom P.),
lente,
Mulder (neef Jacob),
oproer,
Pio Nono,
rooms-katholieke kerk,
Steendijk (tante Antje),
Vletter Jacob de,
Weste Wagenstraat
8 mei 2015
1 Novbr 1868: oproer o.l.v. Jb de Vletter
1 Novbr 1868
Wat een beweging in de Stad. Er is zoo een klein oproer daar we niet aan gewoon zijn. — Kleine oorzaken hebben groote gevolgen, dat ziet men nu weer. Sedert eenigen tijd heeft zekeren Jb de Vletter zich in ’t hoofd gesteld een man des volks te worden, in sommige dingen reüsseerde hij zoo als het verkrijgen van kosteloze zweminrigting & c. Dit maakt hem zeker zoo stoutmoedig althans om eenige schijnbaar nietige reden het verbod aan groenteboeren om hunnen waar anders dan op aangewezen plaats te lossen, heeft hij uitgewerkt & gepousseerd tot een openbaar schandaal & verzet tegen de politie. Donderdagavond eene kleine oploop voor zijn huis. Vrijdagavond eenen wandeling door de stad met sinjeur voorop. — Na hem thuisgebragt te hebben kwam er een samenscholing voor ’t bureau van politie Kaasmarkt. Hier verloren een paar glasruiten hun bestaan. Eene betrekkelijk geringe schermutseling met de politie deed hieraan een eind komen. —
Gisteren was dit standje over ieders tong. — Sommigen meenden het hiermee zoude afgelopen zijn. Anderen echter voorspelden een erger tumult tegen den avond. Overdag was het bedaard. —
Tegen 8 uur begon de Hoogstraat het aanzien te bekomen als werd het Oranjefeest nogmaals herdacht. De meeste & voornaamste winkels hadden hunne kasten gesloten. — De aandrang van volk werd steeds grooter echter zeer bedaard. Lagchend & pratende & niets ziende ging het grootste deel of volgde een troep zingende jongens. — Hun eigenaardig gezang zijnde slechts het woord “hoed” regelmatig uitgesproken klonk als een trommelmarsch afgewisseld met bekende kermisdeunen. Dit woord had betrekking op het hoofddeksel dat gedragen werd door de sedert een jaar bestaande nieuwe politieagenten tegen wien de demonstratie gold. — De V. had zich dezen avond thuis gehouden. Tegen 10 uur dacht (ik dat) alles was afgeloopen. Nieuwsgierigen & liefhebbers van standjes in hunne verwachting teleurgesteld, gingen zoetjes naar huis. —
Zoo zat ik ook thuis & dacht alles afgeloopen te zijn. — Het verlangen om te zien of onze stoomboot [Kinghorn] welke die avond zoude vertrekken, reeds gereed was, dreef mij de deur even uit. In ’t terugkomen nam (ik) mijn weg langs de Groote Markt. — ’t Was stil. — Maar op de Hoogstraat zag ik van verre dat ’t nog niet pluis was. — De Lamsteeg was vol menschen, zoodat (ik) niet konde passeeren. De Stadhuissteeg een eind verder was minder bezet & begaf mij alzoo naar de Kaasmarkt waar een tooneel werd afgespeeld voor het politiebureau. Er digt bij te komen zoude tot niets geleid hebben dan ontvangen van stok- en sabelslagen, ik hield me dus op eene behoorlijke distantie vanwaar (ik) het rinkelen der gesneuvelde glasruiten als een lange hagelslag duidelijk kon hooren. Een uitval der politie deed het volk voor een poos uiteenstuiven naar de plaats waar ik mij bevond. — Het kwam mij geraden voor de verdere uitslag niet bij te wonen daar ’t middernacht was. —
Hedenochtend vernam (ik) de verdere afloop. — De strijd was pas begonnen. — Het volk rukte van een nabijzijnd in aanbouw pand de stellingppalen & planken weg en liepen (sic) daarmede de deur van het bureau open. — Als een zee stroomde het volk erin waarop een hevig gevegt plaats greep. De politie werd langzamerhand naar boven gedrongen totdat de eerste verdieping vol vagabonders geraakte welke de registers verscheurden. (Of dit waar is zal later wel blijken.) Vier uur heeft het gevegt daar geduurd toen er redding kwam opdagen. De Huzaren, kwamen uit den Haag de Kipstraat opgereden en in volle vaart op het janhagel in dat als kaf voor de wind werd verjaagd. —
Te 10 uur heb (ik) het Champs de bataille in oogenschouw genomen. Dooden of gekwetsten waren er niet te zien. — De laatsten zijn in massa naar het gasthuis gebragt. — Of er gedood zijn geworden & hoeveel is nog niet regt helder. — ’t Was een droevig tafreel. Al de glasruiten van het politiebureau & stadhuis zijn stuk. — Op vele plaatsen de straat opgebroken & steenen ordeloos verspreid. — Gordijnen aan flarden, lantaarn stuk. afgebroken door een vervroegde ouderdom. In een woord: ’t is naar. — Daarbij zijn de nieuwsgierigen [zoo als ik] weder even talrijk als gisteravond, maar de Huzaren weten er wel raad op & houden de troep steeds in voortgaande beweging. — Men hoort zoo als altijd veel & verschillend praten, maar oogenschijnlijk is dit heele schandaal een onwil tegen de politie op aanraden van enkele “Mannen des volks”, die zoo als ze zeggen niet getyranniseerd willen worden. Andere lieden met bijbedoelingen profiteeren van om in troebel water te visschen, want volgens bijstanders zouden ze de schatkist hebben gezocht. Zeker op een plaats waar ze niet te vinden is. —
Hoe dan ook, ’t is een onaangename zaak & zal per slot van rekening de stad een aardige duit geld kosten. — Hoeveel soldaten er zijn weet ik niet. — Onder kerktijd, ca 11 uur, kwam er eene versche aanvoer grenadiers, die in ’t Oude manhuis zijn gekaserneerd.— De Teekenakademie waarvan de jongelui een werkzaam deel in ’t standje hebben gehad zal voorlopig worden gesloten. —
Men wil weten dat een 80 tal polderjongens van de Cellulaire gevangenis juist waren afbetaald en er het meest aan deelgenomen hebben. 1) zie noot.
Na bovenstaand te hebben geschreven ben (ik) de stad weder ingegaan. — De Kaasmarkt was afgezet door Huzaren. — Overal bezig met glasen maken; tegen elk raam een ladder. — De starten zijn reeds gemaakt. — Tegen 3 uur is de V. gearresteerd. — Hij heeft de deur laten intrappen en is toen gewillig medegegaan, blootshoofds, zonder jas of vest & op zijn pantoffels. Geescorteerd door eenige huzaren. — ’t Geheel moet een theatraal effect gesorteerd hebben. —
Overigens is het tamelijk rustig. – We hebben nu Huzaren, grenadiers, jagers, schutters & mannen van de weerbaarheid om op ons te passen. —
Noot 1. Houwens heeft het hier over ‘een 80-tal polderjongens van de Cellulaire gevangenis’.
Die ‘polderjongens’ waren geen gevangen, maar bouwvakkers. Vandaar de opmerking ‘juist waren afbetaald’.
De Cellulaire gevangenis is de in aanbouw zijnde gevangenis aan de Noordsingel, de eerste cellulaire gevangenis in Nederland. Daarvoor bestonden gevangenissen uit een ruimte waar de veroordeelden gevangen werden gehouden.
Wat een beweging in de Stad. Er is zoo een klein oproer daar we niet aan gewoon zijn. — Kleine oorzaken hebben groote gevolgen, dat ziet men nu weer. Sedert eenigen tijd heeft zekeren Jb de Vletter zich in ’t hoofd gesteld een man des volks te worden, in sommige dingen reüsseerde hij zoo als het verkrijgen van kosteloze zweminrigting & c. Dit maakt hem zeker zoo stoutmoedig althans om eenige schijnbaar nietige reden het verbod aan groenteboeren om hunnen waar anders dan op aangewezen plaats te lossen, heeft hij uitgewerkt & gepousseerd tot een openbaar schandaal & verzet tegen de politie. Donderdagavond eene kleine oploop voor zijn huis. Vrijdagavond eenen wandeling door de stad met sinjeur voorop. — Na hem thuisgebragt te hebben kwam er een samenscholing voor ’t bureau van politie Kaasmarkt. Hier verloren een paar glasruiten hun bestaan. Eene betrekkelijk geringe schermutseling met de politie deed hieraan een eind komen. —
Gisteren was dit standje over ieders tong. — Sommigen meenden het hiermee zoude afgelopen zijn. Anderen echter voorspelden een erger tumult tegen den avond. Overdag was het bedaard. —
Tegen 8 uur begon de Hoogstraat het aanzien te bekomen als werd het Oranjefeest nogmaals herdacht. De meeste & voornaamste winkels hadden hunne kasten gesloten. — De aandrang van volk werd steeds grooter echter zeer bedaard. Lagchend & pratende & niets ziende ging het grootste deel of volgde een troep zingende jongens. — Hun eigenaardig gezang zijnde slechts het woord “hoed” regelmatig uitgesproken klonk als een trommelmarsch afgewisseld met bekende kermisdeunen. Dit woord had betrekking op het hoofddeksel dat gedragen werd door de sedert een jaar bestaande nieuwe politieagenten tegen wien de demonstratie gold. — De V. had zich dezen avond thuis gehouden. Tegen 10 uur dacht (ik dat) alles was afgeloopen. Nieuwsgierigen & liefhebbers van standjes in hunne verwachting teleurgesteld, gingen zoetjes naar huis. —
Zoo zat ik ook thuis & dacht alles afgeloopen te zijn. — Het verlangen om te zien of onze stoomboot [Kinghorn] welke die avond zoude vertrekken, reeds gereed was, dreef mij de deur even uit. In ’t terugkomen nam (ik) mijn weg langs de Groote Markt. — ’t Was stil. — Maar op de Hoogstraat zag ik van verre dat ’t nog niet pluis was. — De Lamsteeg was vol menschen, zoodat (ik) niet konde passeeren. De Stadhuissteeg een eind verder was minder bezet & begaf mij alzoo naar de Kaasmarkt waar een tooneel werd afgespeeld voor het politiebureau. Er digt bij te komen zoude tot niets geleid hebben dan ontvangen van stok- en sabelslagen, ik hield me dus op eene behoorlijke distantie vanwaar (ik) het rinkelen der gesneuvelde glasruiten als een lange hagelslag duidelijk kon hooren. Een uitval der politie deed het volk voor een poos uiteenstuiven naar de plaats waar ik mij bevond. — Het kwam mij geraden voor de verdere uitslag niet bij te wonen daar ’t middernacht was. —
Hedenochtend vernam (ik) de verdere afloop. — De strijd was pas begonnen. — Het volk rukte van een nabijzijnd in aanbouw pand de stellingppalen & planken weg en liepen (sic) daarmede de deur van het bureau open. — Als een zee stroomde het volk erin waarop een hevig gevegt plaats greep. De politie werd langzamerhand naar boven gedrongen totdat de eerste verdieping vol vagabonders geraakte welke de registers verscheurden. (Of dit waar is zal later wel blijken.) Vier uur heeft het gevegt daar geduurd toen er redding kwam opdagen. De Huzaren, kwamen uit den Haag de Kipstraat opgereden en in volle vaart op het janhagel in dat als kaf voor de wind werd verjaagd. —
Te 10 uur heb (ik) het Champs de bataille in oogenschouw genomen. Dooden of gekwetsten waren er niet te zien. — De laatsten zijn in massa naar het gasthuis gebragt. — Of er gedood zijn geworden & hoeveel is nog niet regt helder. — ’t Was een droevig tafreel. Al de glasruiten van het politiebureau & stadhuis zijn stuk. — Op vele plaatsen de straat opgebroken & steenen ordeloos verspreid. — Gordijnen aan flarden, lantaarn stuk. afgebroken door een vervroegde ouderdom. In een woord: ’t is naar. — Daarbij zijn de nieuwsgierigen [zoo als ik] weder even talrijk als gisteravond, maar de Huzaren weten er wel raad op & houden de troep steeds in voortgaande beweging. — Men hoort zoo als altijd veel & verschillend praten, maar oogenschijnlijk is dit heele schandaal een onwil tegen de politie op aanraden van enkele “Mannen des volks”, die zoo als ze zeggen niet getyranniseerd willen worden. Andere lieden met bijbedoelingen profiteeren van om in troebel water te visschen, want volgens bijstanders zouden ze de schatkist hebben gezocht. Zeker op een plaats waar ze niet te vinden is. —
Hoe dan ook, ’t is een onaangename zaak & zal per slot van rekening de stad een aardige duit geld kosten. — Hoeveel soldaten er zijn weet ik niet. — Onder kerktijd, ca 11 uur, kwam er eene versche aanvoer grenadiers, die in ’t Oude manhuis zijn gekaserneerd.— De Teekenakademie waarvan de jongelui een werkzaam deel in ’t standje hebben gehad zal voorlopig worden gesloten. —
Men wil weten dat een 80 tal polderjongens van de Cellulaire gevangenis juist waren afbetaald en er het meest aan deelgenomen hebben. 1) zie noot.
Na bovenstaand te hebben geschreven ben (ik) de stad weder ingegaan. — De Kaasmarkt was afgezet door Huzaren. — Overal bezig met glasen maken; tegen elk raam een ladder. — De starten zijn reeds gemaakt. — Tegen 3 uur is de V. gearresteerd. — Hij heeft de deur laten intrappen en is toen gewillig medegegaan, blootshoofds, zonder jas of vest & op zijn pantoffels. Geescorteerd door eenige huzaren. — ’t Geheel moet een theatraal effect gesorteerd hebben. —
Overigens is het tamelijk rustig. – We hebben nu Huzaren, grenadiers, jagers, schutters & mannen van de weerbaarheid om op ons te passen. —
Noot 1. Houwens heeft het hier over ‘een 80-tal polderjongens van de Cellulaire gevangenis’.
Die ‘polderjongens’ waren geen gevangen, maar bouwvakkers. Vandaar de opmerking ‘juist waren afbetaald’.
De Cellulaire gevangenis is de in aanbouw zijnde gevangenis aan de Noordsingel, de eerste cellulaire gevangenis in Nederland. Daarvoor bestonden gevangenissen uit een ruimte waar de veroordeelden gevangen werden gehouden.
Labels:
‘hoed’,
Cellulaire gevangenis,
den Haag,
Hoogstraat,
huzaren,
jagers,
Kaasmarkt,
Kinghorn (stoomschip),
Kipstraat,
Lamsteeg,
oproer,
schutters,
Stadhuissteeg,
Teekenacademie,
Vletter Jacob de,
zweminrigting
Abonneren op:
Posts (Atom)
