Posts tonen met het label dagbladzegel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dagbladzegel. Alle posts tonen

23 mei 2021

Proces J. de Vletter

4 July 1869
Gedurende de loop dezer week is de zaak van J. de Vletter te ’s Hage behandeld en den uitspraak bepaald op zaterdag a.s. Algemeen was de aandacht op dit proces gevestigd, waarin door de V. proeven van gevatheid werden geleverd doch waarin hij door den Advocaat-Generaal zoo werd voorgesteld zoo als ieder onpartijdig, met hem bekend persoon hem kende. — De uitspraak wordt met verlangen tegemoet gezien daar tegen hem geeischt wordt eene tuchthuisstraf van vijf tot 15 jaar, waartegen zijn adcocaat zijne vrijstelling eischte.
Dit proces geeft weder eene gisting welke zoolang tot stilstand was gebragt en die zich tusschen ....... openbaart, — Als hij vrij komt zijn de gevolgen niet te overzien. —
Hierbij werken nog andere omstandigheiden mede de grèves of werkstakingen zijn eindelijk ook hier heen ons uit den vreemde aangewaaid. Wel is er hier ten Stede nog geen gepubliceerd, doch toebereidselen worden overal gemaakt door oproepingen in de courant. — Het voorbeeld der Amsterdamsche Drukkers is nog bijtijds hier voorkomen door tegemoetkoming in vrijwillige verhoging van loon. —
De kwade geest welke in andere landen de tevredenen tot ontevredenen opstookte schijnt ons weder met een bezoek te vereeren. Gisteren kwam mij een zoogenaamd volksblaadje in handen, waarin waarheid en leugen op zulk een lage wijze vermengd den hardwerkenden minderen man ontevreden tegen zijn lot maken moet. Wil men verbetering in toestanden maken men neme eerlijke middelen te baat daartoe te geraken, doch waar dit beginsel slecht is kan de uitslag nooit gezegend worden.
’t Is overigens wonderlijk hoe men zich gezonde zinne kan wenschen: dat ieder even veel verdienen moet onverschillig den tijd, kunde en arbeid. Dat echter uit deze roering wel iets goeds kan voortkomen dat geloof ik wel, doch ’t zal misschien nog langer duren voor ’t kwaad dat V. sticht geheeld is.
Ook hierin werkte de nieuwe maatregel niet gunstig: de afschaffing van het zegel. De courant is zoo groot geworden dat men er zijn tijd naar nemen moet haar behoorlijk te lezen. De Vleermuizen en Nachtuilen welke vroeger naauw het daglicht zagen hebben hunne lichtschuwheid afgelegd en worden in de vorm ener courant aan de hoeken der straten publiek ter lezing aangeplakt.
Wat de toekomst baren zal, zal de tijd wel leeren. —

12 januari 2018

Over o. m. Pio Nono, de afschaffing van het dagbladzegel en de lente

15 April 1869
Heden is het officieel bekend geworden dat mijn neef Jacob Mulder de plaatsvervanger bij de Hr. A. van Hoboken & Zn is geworden van mijn Oom P. Knegtmans als boekhouder, welke zich terugtrekt om zijn ouden dag door te brengen met zijn zuster, mijn tante Antje Steendijk.
— Deze zal zijn huishouden waarnemen zoolang het duurt, want die twee loopen zoo wat naar de 70. —

’t Was den 11e dezer voor een protestant een wonderlijk gezigt zooveel vlaggen te zien uitgestoken ter eere van Zijne H. Pio Nono.
Zooiets alsof de Koning jarig was en nog meer.
De meesten waren in de buurt van de Weste Wagenstraat & dwarsstraten.
— De kerken natuurlijk opgeschikt met bloemen, chassinets etc.
Als ze niets ergers deden die Heeren dan zou ’t nog gaan, maar ’t wordt me soms zoo vreemd te moede wanneer (ik) die aanmatigende toon van die lui hoor.
— Vroeger naauwelijks geduld & nu willen ze de baas spelen.
— ’t Drijven is nu de openbare school te annihileeren.
De domper erop en dan de baas spelen over het domme gemeen.
— Hunne kerken verrijzen als paddestoelen & kon het zijn ze zouden de Inquisitie er ook nog wel bij nemen.

Van ’t zoogenaamde oproer gaan de verhooren nog steeds de gewoone (slakken)gang.
— De V. is nog niet gevonnisd, nog zelfs niet openbaar teregtgesteld.
— Zoodoende heeft hij al een aardige straf voor zich beet.

We zijn er eindelijk met de afschaffing van het dagbladzegel*) doorheen.
— Met primo Junij zullen de dagbladen eerst in hunne volle bloei verschijnen & ’t publiek een heele berg nieuws door te werken hebben, willen ze op de hoogte van hun tijd blijven. —

Ingeplakte prent 'Vrij van Zegel', uit de Purmerender Courant na afschaffing van het Dagbladzegel, 1869

En wat het beste nieuws nog is, is de verschijning van de Lente.
— Dat heerlijke woord heeft een heerlijke beteekenis als we de boomen aanzien.
— Een “Ode” aan haar schrijven laat ik voor anderen over en verlustig me liever te zien hoe met elke dag die groene tint als der takken aangeblazen wordt.
Vreemder gezigt kwam mij nimmer voor als zondag l.l.
— De warmte was bepaald een zomerwarmte en toch de boomen als kwamen ze uit het hooge noorden.
De hemel italiaansch, de zon warm en het lommer absent.
— Dit is na eene malsche regenbui een weinig in evenwigt gebragt.
— En wat zal ons die nieuwe tijd geven, afwachten dat is een waar woord en een goed woord want met ongeduldig verlangen komen we toch niet verder.
Mijn wensch, of die vervuld wordt.
— Maar de volgende bladen zijn nog blanko & geven mij nog weinig te lezen.
— Als het eens vol zou zijn dan hoop (ik) het beeld van die lente daar ook in te mogen lezen.

*) Over het dagbladzegel:
Het dagbladzegel was een zegel waarmee in de negentiende eeuw middels het zegelrecht belasting werd geheven op dagbladen.
Een stempel op de krant gaf aan dat het dagbladzegel betaald was.
De belasting werd tijdens de Franse bezetting ingevoerd. In Nederland was dat in 1812.
In de loop van de negentiende eeuw werd het zegelrecht ook uitgebreid naar advertenties.
Door de extreme hoogte van deze belasting, de belasting bedroeg in 1832 tweeënhalve cent, waren kranten slechts voor een rijke elite beschikbaar.
Bovendien belemmerde de regeling het oprichten van nieuwe dagbladen.
Vele courantiers gebruikten de vrijstelling voor kleine bladen, door uitgifte van 'lilliputterpers', veelal oppositionele periodiekjes op zeer klein formaat.
De overheid maakt in 1845 aan deze praktijk een einde door voortaan elk formaat te belasten.
Het protest tegen de maatregel wordt vanaf circa 1850 steeds luider.
In 1867 wordt het anti-Dagbladzegel-verbond opgericht.[1]
In 1869 brengt Pieter Philip van Bosse de wet tot afschaffing van het zegelrecht op gedrukte stukken en advertenties in nieuwspapieren tot stand.[2]
Koning Willem III, bevreesd voor politieke onruststokerij door dagbladen, probeerde de Eerste Kamer nog te bewegen het wetsvoorstel te verwerpen.
Maar mede onder druk van de protesten schaft de overheid het dagbladzegel per 1 juli 1869 af.[3]
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Dagbladzegel